Omdat naar mijn edele mening veel te weinig mensen op de hoogte zijn van het levensverhaal van Sinterklaas, volgt hier even een samenvatting van deze geschiedenis.
In 270 sprong er een baby uit een kut; meteen begon hij te bidden. Van de weeromstuit noemde zijn moeder hem Nikoleas, oftewel Nicolaas. Dat was allemaal in Myra in het huidige Turkije. Na een jaar of wat was Niekje ineens een gristelijk priester (later zelfs bisschop) en begon hij allemaal maffe dingen uit te halen. Zo wekte hij drie jochies die dood in een ton lagen weer tot leven en gooide hij bij pasgetrouwde stelletjes zakjes goud naar binnen. In tegenstelling tot wat men tegenwoordig wel eens roept, had Nicolaas niet het eeuwige leven. Echter, na zijn dood begon hij te verschijnen, onder anderen op boten die dreigden te zinken in een storm. Hij kwam dan langs en zorgde ervoor dat alles weer goed kwam. Het duurde dan ook niet lang of een of andere gek verklaarde hem heilig - vandaar de titel Sint.
Zoals het een goed heilige betaamt, begon Nicolaas een paar eeuwen na zijn dood pas echt aan zijn carrière te werken. Hele volksstammen, waaronder de zeelui, de kinderen, de Amsterdammers en de Russen, namen hem als beschermheilige. Uiteindelijk kon hij altijd op populariteit reken in Noord-Europa (Polen, Tsjechië, maar ook Duitsland en de Lage Landen).
In Nederland kreeg men ergens in de Gouden Eeuw door dat Sinterklaas een verdomd handig opvoedkundig middel was. In die tijd, en ervoor ook, werden kinderen steevast beschouwd als iets kwaads, ald duivelsgebroed - vandaar ook dat men vrij ruw met ze omging. Immers: het kwaad moest er uitgemept worden. Flink dreigen en bang maken werd destijds ook aangeraden door opvoedkundigen. Als je niet gehoorzaam was kreeg je de roe en als je het echt te bont maakte (bijvoorbeeld als je een vissenkop jatte bij visboer Diekstra, ik noem maar wat) moest je mee in de zak naar Spanje (destijds nog een eng, ver land - denkt u aan de Tachtigjarige Oorlog!).
In verschillende landen werd (of wordt) Sint Nicolaas bijgestaan door een duivelachtig personage. Wij maakten daar Zwarte Piet van (al zit daar wel weer een hele geschiedenis aan vast). Echt politiek correct was dat allemaal niet, maar daar maalde toen nog niemand om. Immers, de meeste Nederlanders hadden nog nooit een neger gezien.
Ergens in de negentiende eeuw tekende iemand die Zwarte Piet trouwens eens een keertje en liet hem toen rondlopen in een pakje dat rechtstreeks uit de Gouden Eeuw stamde (die ze bij de VOC ook altijd aan hadden). Vanwege die ene tekening lopen die huurlingen tegenwoordig nog steeds zo rond.
De vormgeving van Sinterklaas (rode mantel, mijter, staf) stamt overigens ook grotendeels uit deze tijd. De lange, witte baard was er al wat langer: een overblijfsel uit de prehistorische, heidense culturen (Wodan had ook zo'n ding, en ook nog eens een wit paard trouwens).
Voor de oorlog begon men al met Sinterklaasverschijningen zoals we die nu kennen. Er was echter één significant verschil: er was altijd maar één Piet. Dat veranderde na de oorlog. In '40-'45 was er geen Sinterklaas, dus na de bevrijding moest er het een en ander worden ingehaald. Hier liepen toen nog heel wat Canadese soldaten rond die best een handje wilden helpen. Ze boden aan om zich allemaal als Sinterklaas te verkleden, maar dat zag men toch niet zo zitten. Minder problematisch zou het zijn als de allemaal Zwarte Piet zouden worden - zo geschiedde.
Na de oorlog werd Sinterklaas een steeds groter feest. Het werd ook vooral steeds commerciëler. In de jaren tachtig begon men met de landelijke intochten, met B. van de V. als de ouwe heilige en wat B-acteurs of canaretiers als belangrijke Pieten. Tot enkele jaren geleden deed Aart Staartjes dan het commentaar. Ik ben daar mee opgegroeid en vond die intochten altijd erg leuk en spannend. Ik kan me overigens niet voorstellen dat de huidige jeugd dat ook vindt. Waar je vroeger ergens in november de kriebels begon te krijgen, zie je nu in september al Pieten rondlopen. Had je vroeger de vraag 'Komt ie nou wel of komt ie nou niet?', tegenwoordig heb je ook nog eens het Sinterklaasjournaal met allerlei ingewikkelde verhaallijnen. Vroeger kwam Sinterklaas en zette je een paar keer je schoen - op 5 december kwam dan de grote klapper. Tussendoor zag je hem nog een paar keer 'in het echt' en in Sesamstraat, en verder moest je maar fantaseren wat die man allemaal deed en waar. Nu kun je hem in de gaten houden met een webcam en krijg je kleine PlayStations in je schoen en is het hele mysterie weg en valt er niks meer te fantaseren. En cadeautjes krijg je toch wel, of je nou een kutkind bent of niet.
Tijd voor historische hervormingen.